|
HET BELANG VAN PALLADIO:
Palladio's architectuur kan beschouwd worden
als een poging tot synthese van de experimenten
die vóór hem werden gecreërd (Peruzzi,
Serlio, Giulio Romano, Sansovino, ...).
Heel belangrijk in zijn studie, zijn de 2 reizen
naar Rome (1541 en 1545) die hij maakt, en waardoor
hij enerzijds de Romeinse monumentale cultuur en architectuur
beter leert kennen, en anderzijds ook in contact komt met
humanistische kringen.
Palladio was niet enkel een architect die heel
wat gebouwd heeft, maar heel belangrijk is ook zijn theoretisch
werk. Hij publiceerde o.m. een studie rond de archeologische
resten van Rome, maar belangrijker zijn de Vier Boeken
over Architectuur (I quattro libri dell'Architettura)
die hij schreef. Deze verschenen in Venetië in 1570,
nadat hij er jarenlang aan gewerkt had (Vasari schrijft in
1566 dat hij meent een herziene versie te hebben gezien).
Dit werk had een verstrekkende invloed: vele tijdgenoten gebruikten
het als handboek, en later werd het geschrift de basis voor
het 'Palladianisme' die in de eerste plaats in Engeland veel
succes kende. Het werk is ook van groot historisch beland
omdat alle eigen werken van Palladio erin behandeld zijn.

Il Redentore, Venezia |

Loggia del Capitaniato, Vicenza
|
LEVENSLOOP VAN PALLADIO
Andrea di Pietro della Gondola (Andrea di Pietro
da Padova), beter bekend als Palladio werd geboren in 1508
in Padua, behorend tot het vasteland van de Republiek van
Venetië.
Zijn vader was een molenaar.
Toen hij dertien jaar oud werd sloot zijn vader een contract
voor hem af bij de architect en steenhouwer Bartolomeo Cavazza
te Padua. Hij werd er tewerkgesteld op diens werkplaats. Na
18 maanden (april 1523) verbrak Palladio zijn contract en
vluchtte naar de dichtstbijzijnde stad Vicenza. In april 1523
vlucht Andrea weg uit de werkplaats van Cavazza en gaat naar
Vicenza, maar hij wordt wegens contractbreuk gedwongen terug
te keren.
Een jaar later kan hij lid worden van het gilde van steenhouwers
en metselaars van Vicenza en wordt hij toegelaten tot de gerenommeerde
werkplaats van Giovanni di Giacomo da Porlezza in Pedemuro.
In 1530 probeert hij een eigen werkplaats op te zetten, maar
die poging mislukt na korte tijd. Hij blijft zeker nog tot
1534 werkzaam in Pedemuro.
Zijn langdurige ervaring als steenhouwer heeft zijn gevoel
voor de kwalitatieve verwerking van het detail waarschijnlijk
wel aangescherpt.
Heel belangrijk in zijn leven, was de onmoeting met graaf
Giangiorgio Trissino in 1538, een schrijver die in humanistische
kringen in hoog aanzien stond. Hij had bij de bouw van zijn
villa in Cricoli het talent van de jonge Palladio, die daar
werkte als metselaar ontdekt.
Trissino was niet alleen verantwoordelijk voor Palladio's
verandering van beroep maar had ook grote invloed op de vorming
van zijn ideeën over architectuur.
Kort na hun kennismaking namTrissino de rol over van Andrea's
mentor en onderwees hem de grondbeginselen van de klassieke
architectuur en andere disciplines van Renaissance onderwijs.
Van heel groot belang is ook het feit dat Trissino zijn beschermeling
aan alle belangrijke opdrachtgevers voorstelde, eerst in Vicenza
dan in Padua en uiteindelijk in Venetië zelf. Trissino
gaf Andrea ook de naam waarmee hij later beroemd zo worden:
Palladio, verwijzend naar de Griekse godin van de wijsheid
en beschermgodin van de kunst Pallas Athena.
Terwijl Trissino Palladio liet kennismaken met Vitruvius en
Alberti, liet hij tegelijkertijd bij de bouw van zijn villa
in Cricoli zien hoe al deze kennis in praktijk moest gebracht
worden.
Door persoonlijk contact raakte Palladio op de hoogte van
de ideeën en het werk van baanbrekende architecten uit
zijn eigen periode o.a. Romano, Falconetto, Serlio en Sanmicheli.
Palladio kreeg verder onderricht in klassieke Romaanse werken
en vroege Renaissance ondermeer door zijn bezoeken aan Padua,
Venetië en vooral Rome.
Heel zijn leven lang zou de studie van de klassieke
Oudheid Palladio blijven boeien en zijn architectuur kan dan
ook niet losgezien worden van de humanistische scholing die
hij in de lezing van Trissino had ontvangen.
Zijn architectuur bleef altijd geleerd, intellectueel en in
zekere mate dogmatisch. Om zijn gebouwen te begrijpen moet
men zich verdiepen in zijn complexe gedachtengang.
Zijn activiteiten als schrijver waren de vrucht van deze scholing.
Van nature schijnt Palladio, zoals vele kunstenaars,
eerder terughoudend te zijn geweest. Iemand die een omhaal
van woorden verafschuwde waar de dingen voor zichzelf spraken.
Toch is zijn bijdrage aan de humanistische cultuur waarschijnlijk
groter dan die van enig architect uit zijn tijd en blijft
zijn invloed in geen geval beperkt tot de architectuur.
I
Quattro Libri dell' Architettura |
In 1538, vermoedelijk geholpen door Trissino's
invloed, begonnen Palladio en zijn gilde aan de bouw van de
villa Godi. De eerste in een reeks plattelandsvilla's en stadspaleizen
ontworpen door Palladio voor opdrachtgevers onder de provinciale
adelstand van Vicenza.
Zo'n 10 jaar later begon Palladio opdrachten
te ontvangen voor plattelandsvilla's van prominente en welvarende
lieden van de adelstand van Venetië zoals Danielle Marc'Antonio
Barbaro en Giorgio Cornaro. De rijkdom en het streven van
deze nieuwe broodheren riepen bij Palladio, die grote en inventieve
creaties uit zijn middelste periode op. Hierop is zijn invloed
op de latere Westerse architectuur gebaseerd.
Uiteindelijk in 1560 kreeg Andrea zijn eerste
opdracht voor een werk in Venetië zelf: de voltooiïng
van de refter voor het Benedictijnse klooster van San Giorgio
Maggiore.
Daarop volgden andere religieuze constructies in Venetië:
de kloostergang van het klooster van S.M. della Carita en
de voorgevel van de kerk van San Francesco della Vigna.
Zijn Venetiaanse periode beleefde zijn hoogtepunt in drie
fantastische kerken die vandaag nog bestaan.S. Giorgio Maggiore,
Il Redentore en "Le Zitelle"(S.M.della Presentazione.)Een
andere Palladiaanse kerk. S. Lucia is in het midden van de
19de eeuw afgebroken voor de aanleg van een spoorwegstation.
Verrassend, ondanks verschillende pogingen, ontving Palladio
nooit een seculiere opdracht in de stad Venetië.
Palladio was een volkomen gebruiker van de nieuwe
technologie van het beweegbare type, toen slechts 100 jaar
oud. Zijn eerste boek was een gids voor de klassieke ruïnes
van Rome, vermoedelijk aangezet door zijn eigen pogingen voor
het vestigen van verschillende monumenten, gedurende zijn
bezoeken aan die stad.
Hij publiceerde ook samen met zijn zonen een nieuwe vertaling
van Caesar's Commentaries en droeg bij in illustraties van
Daniele Barbaro's editie van Vitruvius' verhandeling over
klassieke architecten.

Teatro Olimpico |

La Rotonda |
In zijn werk van de laatste twintig jaar ontvouwt
de rijkdom aan artistieke oplossingen en uitdrukkingsmogelijkheden
zich steeds meer. Palladio valt niet terug op werken die hij
al eerder gerealiseerd heeft in andere werken, maar vindt
voor elk nieuw project steeds nieuwe kunstzinnige uitdrukkingsvormen.
Daarbij houdt hij steeds rekening met de geografische of stedebouwkundige
omstandigheden, in het bijzonder met de functie en de ligging
van zijn bouwwerk.
Het aanzien dat hij genoot, gaf hem buitengewone vrijheden
ten opzichte van de opdrachtgevers.
In 1570, na vele jaren van voorbereiding, geeft
hij in Venetië zijn meesterwerk dat zijn plaats in de
architecturale geschiedenis verzekerd uit: "I Quattro
Libri dell' Architettura". Het boek zet zijn architecturale
grondbeginselen maar ook praktisch advies van aannemers uiteen.
Het meest kritische element is wellicht het zetten van nauwkeurig
in hout gesneden illustraties getekend van zijn eigen werken
om de tekst te illustreren. Het boek werd in elke Europese
taal vertaald en wordt zelfs nu nog verkocht.
In zijn laatste levensjaar gaan voor Palladio
twee wensen in vervulling die hem in gedachten en in ontwerp
al langere tijd bleven bezighouden:
- Het olympisch genootschap in Vicenza geeft hem opdracht
een theater te bouwen, het "Teatro Olympico"
- Zijn oude Venetiaanse vriend en beschermheer Barbaro geeft
hem de opdracht een familiekapel bij de Villa Barbaro in Maser
te bouwen. Tijdens de bouw van dit werk is Palladio op 19
augustus 1580 gestorven. Dit gebeurde terwijl hij toezicht
hield op het werk in Maser of Vicenza.

Villa Barbaro |
WERKEN VAN PALLADIO:
De Basilica (Vicenza)
Het ging om de verbouwing van de Palazzo della Ragione, het
administratieve centrum van Vicenza. Palladio realiseerde
hier een soort omhulsel van het gebouw, nl. met galerijen.
De traveematen zijn telkens verschillende, omdat het bestaande
gebouw ook volledig onregelmatig werd opgebouwd. Op de gelijkvloerse
verdieping heb je een soort overdekte markt met winkels, en
op de verdieping ligt de 'senaatszaal' met een gaanderij naast.
De naam Basilica, die Palladio zelf uitkoos, verwijst naar
de zogenoemde vergaderruimte uit de Romeinse Oudheid waarop
later de vroegchristelijke kerken werden gebaseerd.
De werken, die begonnen in 1649, werden pas na Palladio's
dood voltooid. Aan de rechterzijde klimt een trap naar de
loggia, waar je helemaal rond kan lopen. Hier is ook de ingang
van de immens grote zaal, die zijn gotische vormen heeft behouden,
en wordt overdekt dooe een hoog, kielvormig dag. De ruimte
wordt gebruikt voor exposities.
Teatro Olimpico (Vicenza)
Dit is de laatste schepping van Palladio, en werd pas 4 jaar
na zijn door door Scamozzi afgewerkt. Opdrachtgever voor de
bouw ervan, was de Accademia Olimpica, een in 1555 opgerichte
culturele sociëteit waarvan Palladio lid was.
De constructie is volledig in hout en stucwerk opgetrokken,
de vormen zijn afgeleid uit van de theaters uit de Klassieke
Oudheid. De zitplaatsen liggen in een halve cirkel voor het
podium. Het meest indrukwekkende is de decorwand die permanent
gelijk blijft: de toeschouwer kijkt door 3 bogen, en krijgt
straten met paleizen te zien. Er werd echter een vals perspectief
gecreëerd: de afstand tot het einde van de rechte straat
in het midden bedraagt in werkelijkheid slechts 12 m., het
bijzondere effect wordt bereikt door het podium omhoog te
laten lopen en door de gebouwen in het decor als het ware
in elkaar te drukken waardoor diepte wordt gecreërd.
De akoestiek in de zaal is fenomenaal. Het Theater kan overdag
worden bezocht (tegen betaling), maar is nog steeds in gebruik.
Jaarlijks worden in mei en juni klassieke concerten uitgevoerd
(zie www.olimpico.vicenza.it)
Palazzo Chiericati (Vicenza), nu stedelijk
museum (Museo Civico)
In tegenstelling tot de traditionele palazzi, is de gevel
hier volledig opengewerkt als gaanderij/loggia, enkel het
middendeel op de verdieping is gesloten. De gallerij op het
gelijkvloers vloeit over in het plein vóór het
gebouw, waardoor een soort 'stedelijke ruimte' wordt gecreërd,
omdat ook het gebouw een stedelijk karakter had.
Loggia del Capitaniato (Vicenza)
Ligt tegenover de Basilica, was de zetel van de plaatselijke
vertegenwoordiger van Venetië in Vicenza.
Voor de kolossaalorde werd gebruik gemaakt van Korintische
kapitelen.
Typisch maniëristisch is het doorbreken van de architraaf.
Il Redentore
(Venetië)
Deze kerk behoort tot de meesterwerken van Palladio. Het sobere,
eenbeukige interieur straalt een majesteuze plechtigheid uit.
Dat komt vooral door de statige colonnade die langs de wanden
van het schip en het koor loopt.
In september 1576 besloot de Senaat een nieuwe kerk te bouwen,
naar aanleiding van een vreselijke pestepidemie. In mei 1577
werd de eerste steen gelegd. De 20ste juli van hetzelfde jaar
werd het einde van de pest reeds gevierd, dit met een processie
die tot op vandaag jaarlijks wordt herhaald. De kerk werd
opgetrokken op het eiland van Giudecca, maar op een plaats
die vanop de Piazza S. Marco altijd zichtbaar is.
De villa's van Palladio
Deze villa's zijn niet enkel opgevat als residentie, maar
tevens als zetel van de landbouwexploitatie. De eigenaars
waren rijke burgers in de Veneto, die ook nood hadden aan
functionele ruimten (stallen, woonsten personeel, ontvangstruimten,
...).
Een uitzondering hierop vormt 'La Rotonda'
bij Vicenza die uitsluitend residentie was, en werd gemaakt
voor de prelaat-theoloog Paolo Almercio. Deze centraalbouw
is een principe dat dikwijls zal herhaald worden in de villa-architectuur
van Palladio. De villa heeft een dominant karakter (bovenop
een heuvel).
Deze villa lijkt zo uit het landschap te groeien: de gelijkmatig
aan alle zijden met een zuilenbalk versierde gevels, vervolgen
in de trappen de stijgende lijnen van het omringende landschap
en de centrale koepel kan gezien worden als een verhoging
van de heuveltop.Buitenaanzicht, grondvlak en doorsnede van
de villa Rotonda lijken het ideaal van de centraalbouw te
belichamen. Geen andere villa van Palladio heeft zoveel bewondering
van tijdgenoten en latere generaties geoogst als de villa
Rotonda. Zijn voorkeur voor centraalbouw en symmetrie komt
hier goed tot uiting.
|