IN HET KORT:

Andrea Palladio, eigenlijk Andrea di Pietro (Padua 30 nov. 1508 – Vicenza 19 aug. 1580), Italiaans architect, theoreticus en publicist, de belangrijkste meester van de late renaissance, maakte diepgaand studie van de klassieke architectuur, voorts van de werken uit de hoogrenaissance, m.n. van Michelangelo. Hij beïnvloedde zowel door zijn bouwwerken als door zijn geschriften de verdere ontwikkeling van de Europese bouwkunst (zie palladianisme). Voor de uitgave van Vitruvius door Daniele Barbaro (1556) verzorgde hij de illustraties. Het merendeel van zijn gebouwen wordt gekenmerkt door grote harmonie en eenvoud in de proporties. Voor de gevels van zijn palazzi en kerken gebruikte hij de kolossale orde.

Zijn voornaamste werken te Vicenza, waar hij bijna zijn hele leven verbleef, zijn de zgn. Basilica (1549), de palazzi Thiene (ca. 1545–1550), Chiericati (1550 vv.), Valmarana (1565–1566), Barbarano (vóór 1570) en Porto-Breganze (1570 vv.), benevens de Villa Capra of La Rotonda (1550–1551) en het beroemde Teatro Olimpico (1580; in 1585 door Scamozzi voltooid). In de Veneto zijn o.a. de Villa Barbaro te Maser (1557–1562) en de Villa Trissino (1564–1565) goede voorbeelden van de wijze waarop Palladio voor het stadspatriciaat buitenverblijven bouwde die zowel een praktische als een ontspanningsfunctie hadden.

Te Venetië bouwde hij de kerken San Giorgio Maggiore (1560–1562), Il Redentore (1577) en San Francesco della Vigna (ca. 1565).

WERKEN: L'antichità di Roma raccolta brevemente dagli autori antichi e moderni (1554); I quattro libri dell'architettura (1570; facs. uitg. 1945).


Palazzo Chiericati, Vicenza

Teatro Olimpico, Vicenza

 

HET BELANG VAN PALLADIO:

Palladio's architectuur kan beschouwd worden als een poging tot synthese van de experimenten die vóór hem werden gecreërd (Peruzzi, Serlio, Giulio Romano, Sansovino, ...).

Heel belangrijk in zijn studie, zijn de 2 reizen naar Rome (1541 en 1545) die hij maakt, en waardoor hij enerzijds de Romeinse monumentale cultuur en architectuur beter leert kennen, en anderzijds ook in contact komt met humanistische kringen.

Palladio was niet enkel een architect die heel wat gebouwd heeft, maar heel belangrijk is ook zijn theoretisch werk. Hij publiceerde o.m. een studie rond de archeologische resten van Rome, maar belangrijker zijn de Vier Boeken over Architectuur (I quattro libri dell'Architettura) die hij schreef. Deze verschenen in Venetië in 1570, nadat hij er jarenlang aan gewerkt had (Vasari schrijft in 1566 dat hij meent een herziene versie te hebben gezien). Dit werk had een verstrekkende invloed: vele tijdgenoten gebruikten het als handboek, en later werd het geschrift de basis voor het 'Palladianisme' die in de eerste plaats in Engeland veel succes kende. Het werk is ook van groot historisch beland omdat alle eigen werken van Palladio erin behandeld zijn.


Il Redentore, Venezia

Loggia del Capitaniato, Vicenza

LEVENSLOOP VAN PALLADIO

Andrea di Pietro della Gondola (Andrea di Pietro da Padova), beter bekend als Palladio werd geboren in 1508 in Padua, behorend tot het vasteland van de Republiek van Venetië.
Zijn vader was een molenaar.
Toen hij dertien jaar oud werd sloot zijn vader een contract voor hem af bij de architect en steenhouwer Bartolomeo Cavazza te Padua. Hij werd er tewerkgesteld op diens werkplaats. Na 18 maanden (april 1523) verbrak Palladio zijn contract en vluchtte naar de dichtstbijzijnde stad Vicenza. In april 1523 vlucht Andrea weg uit de werkplaats van Cavazza en gaat naar Vicenza, maar hij wordt wegens contractbreuk gedwongen terug te keren.
Een jaar later kan hij lid worden van het gilde van steenhouwers en metselaars van Vicenza en wordt hij toegelaten tot de gerenommeerde werkplaats van Giovanni di Giacomo da Porlezza in Pedemuro. In 1530 probeert hij een eigen werkplaats op te zetten, maar die poging mislukt na korte tijd. Hij blijft zeker nog tot 1534 werkzaam in Pedemuro.
Zijn langdurige ervaring als steenhouwer heeft zijn gevoel voor de kwalitatieve verwerking van het detail waarschijnlijk wel aangescherpt.
Heel belangrijk in zijn leven, was de onmoeting met graaf Giangiorgio Trissino in 1538, een schrijver die in humanistische kringen in hoog aanzien stond. Hij had bij de bouw van zijn villa in Cricoli het talent van de jonge Palladio, die daar werkte als metselaar ontdekt.
Trissino was niet alleen verantwoordelijk voor Palladio's verandering van beroep maar had ook grote invloed op de vorming van zijn ideeën over architectuur.
Kort na hun kennismaking namTrissino de rol over van Andrea's mentor en onderwees hem de grondbeginselen van de klassieke architectuur en andere disciplines van Renaissance onderwijs. Van heel groot belang is ook het feit dat Trissino zijn beschermeling aan alle belangrijke opdrachtgevers voorstelde, eerst in Vicenza dan in Padua en uiteindelijk in Venetië zelf. Trissino gaf Andrea ook de naam waarmee hij later beroemd zo worden: Palladio, verwijzend naar de Griekse godin van de wijsheid en beschermgodin van de kunst Pallas Athena.
Terwijl Trissino Palladio liet kennismaken met Vitruvius en Alberti, liet hij tegelijkertijd bij de bouw van zijn villa in Cricoli zien hoe al deze kennis in praktijk moest gebracht worden.
Door persoonlijk contact raakte Palladio op de hoogte van de ideeën en het werk van baanbrekende architecten uit zijn eigen periode o.a. Romano, Falconetto, Serlio en Sanmicheli.
Palladio kreeg verder onderricht in klassieke Romaanse werken en vroege Renaissance ondermeer door zijn bezoeken aan Padua, Venetië en vooral Rome.

Heel zijn leven lang zou de studie van de klassieke Oudheid Palladio blijven boeien en zijn architectuur kan dan ook niet losgezien worden van de humanistische scholing die hij in de lezing van Trissino had ontvangen.
Zijn architectuur bleef altijd geleerd, intellectueel en in zekere mate dogmatisch. Om zijn gebouwen te begrijpen moet men zich verdiepen in zijn complexe gedachtengang.
Zijn activiteiten als schrijver waren de vrucht van deze scholing.

Van nature schijnt Palladio, zoals vele kunstenaars, eerder terughoudend te zijn geweest. Iemand die een omhaal van woorden verafschuwde waar de dingen voor zichzelf spraken.
Toch is zijn bijdrage aan de humanistische cultuur waarschijnlijk groter dan die van enig architect uit zijn tijd en blijft zijn invloed in geen geval beperkt tot de architectuur.

I Quattro Libri dell' Architettura

In 1538, vermoedelijk geholpen door Trissino's invloed, begonnen Palladio en zijn gilde aan de bouw van de villa Godi. De eerste in een reeks plattelandsvilla's en stadspaleizen ontworpen door Palladio voor opdrachtgevers onder de provinciale adelstand van Vicenza.

Zo'n 10 jaar later begon Palladio opdrachten te ontvangen voor plattelandsvilla's van prominente en welvarende lieden van de adelstand van Venetië zoals Danielle Marc'Antonio Barbaro en Giorgio Cornaro. De rijkdom en het streven van deze nieuwe broodheren riepen bij Palladio, die grote en inventieve creaties uit zijn middelste periode op. Hierop is zijn invloed op de latere Westerse architectuur gebaseerd.

Uiteindelijk in 1560 kreeg Andrea zijn eerste opdracht voor een werk in Venetië zelf: de voltooiïng van de refter voor het Benedictijnse klooster van San Giorgio Maggiore.
Daarop volgden andere religieuze constructies in Venetië: de kloostergang van het klooster van S.M. della Carita en de voorgevel van de kerk van San Francesco della Vigna.
Zijn Venetiaanse periode beleefde zijn hoogtepunt in drie fantastische kerken die vandaag nog bestaan.S. Giorgio Maggiore, Il Redentore en "Le Zitelle"(S.M.della Presentazione.)Een andere Palladiaanse kerk. S. Lucia is in het midden van de 19de eeuw afgebroken voor de aanleg van een spoorwegstation.
Verrassend, ondanks verschillende pogingen, ontving Palladio nooit een seculiere opdracht in de stad Venetië.

Palladio was een volkomen gebruiker van de nieuwe technologie van het beweegbare type, toen slechts 100 jaar oud. Zijn eerste boek was een gids voor de klassieke ruïnes van Rome, vermoedelijk aangezet door zijn eigen pogingen voor het vestigen van verschillende monumenten, gedurende zijn bezoeken aan die stad.
Hij publiceerde ook samen met zijn zonen een nieuwe vertaling van Caesar's Commentaries en droeg bij in illustraties van Daniele Barbaro's editie van Vitruvius' verhandeling over klassieke architecten.


Teatro Olimpico

La Rotonda

In zijn werk van de laatste twintig jaar ontvouwt de rijkdom aan artistieke oplossingen en uitdrukkingsmogelijkheden zich steeds meer. Palladio valt niet terug op werken die hij al eerder gerealiseerd heeft in andere werken, maar vindt voor elk nieuw project steeds nieuwe kunstzinnige uitdrukkingsvormen. Daarbij houdt hij steeds rekening met de geografische of stedebouwkundige omstandigheden, in het bijzonder met de functie en de ligging van zijn bouwwerk.
Het aanzien dat hij genoot, gaf hem buitengewone vrijheden ten opzichte van de opdrachtgevers.

In 1570, na vele jaren van voorbereiding, geeft hij in Venetië zijn meesterwerk dat zijn plaats in de architecturale geschiedenis verzekerd uit: "I Quattro Libri dell' Architettura". Het boek zet zijn architecturale grondbeginselen maar ook praktisch advies van aannemers uiteen.
Het meest kritische element is wellicht het zetten van nauwkeurig in hout gesneden illustraties getekend van zijn eigen werken om de tekst te illustreren. Het boek werd in elke Europese taal vertaald en wordt zelfs nu nog verkocht.

In zijn laatste levensjaar gaan voor Palladio twee wensen in vervulling die hem in gedachten en in ontwerp al langere tijd bleven bezighouden:
- Het olympisch genootschap in Vicenza geeft hem opdracht een theater te bouwen, het "Teatro Olympico"
- Zijn oude Venetiaanse vriend en beschermheer Barbaro geeft hem de opdracht een familiekapel bij de Villa Barbaro in Maser te bouwen. Tijdens de bouw van dit werk is Palladio op 19 augustus 1580 gestorven. Dit gebeurde terwijl hij toezicht hield op het werk in Maser of Vicenza.


Villa Barbaro

WERKEN VAN PALLADIO:

De Basilica (Vicenza)
Het ging om de verbouwing van de Palazzo della Ragione, het administratieve centrum van Vicenza. Palladio realiseerde hier een soort omhulsel van het gebouw, nl. met galerijen. De traveematen zijn telkens verschillende, omdat het bestaande gebouw ook volledig onregelmatig werd opgebouwd. Op de gelijkvloerse verdieping heb je een soort overdekte markt met winkels, en op de verdieping ligt de 'senaatszaal' met een gaanderij naast.
De naam Basilica, die Palladio zelf uitkoos, verwijst naar de zogenoemde vergaderruimte uit de Romeinse Oudheid waarop later de vroegchristelijke kerken werden gebaseerd.
De werken, die begonnen in 1649, werden pas na Palladio's dood voltooid. Aan de rechterzijde klimt een trap naar de loggia, waar je helemaal rond kan lopen. Hier is ook de ingang van de immens grote zaal, die zijn gotische vormen heeft behouden, en wordt overdekt dooe een hoog, kielvormig dag. De ruimte wordt gebruikt voor exposities.

Teatro Olimpico (Vicenza)
Dit is de laatste schepping van Palladio, en werd pas 4 jaar na zijn door door Scamozzi afgewerkt. Opdrachtgever voor de bouw ervan, was de Accademia Olimpica, een in 1555 opgerichte culturele sociëteit waarvan Palladio lid was.
De constructie is volledig in hout en stucwerk opgetrokken, de vormen zijn afgeleid uit van de theaters uit de Klassieke Oudheid. De zitplaatsen liggen in een halve cirkel voor het podium. Het meest indrukwekkende is de decorwand die permanent gelijk blijft: de toeschouwer kijkt door 3 bogen, en krijgt straten met paleizen te zien. Er werd echter een vals perspectief gecreëerd: de afstand tot het einde van de rechte straat in het midden bedraagt in werkelijkheid slechts 12 m., het bijzondere effect wordt bereikt door het podium omhoog te laten lopen en door de gebouwen in het decor als het ware in elkaar te drukken waardoor diepte wordt gecreërd. De akoestiek in de zaal is fenomenaal. Het Theater kan overdag worden bezocht (tegen betaling), maar is nog steeds in gebruik. Jaarlijks worden in mei en juni klassieke concerten uitgevoerd (zie www.olimpico.vicenza.it)

Palazzo Chiericati (Vicenza), nu stedelijk museum (Museo Civico)
In tegenstelling tot de traditionele palazzi, is de gevel hier volledig opengewerkt als gaanderij/loggia, enkel het middendeel op de verdieping is gesloten. De gallerij op het gelijkvloers vloeit over in het plein vóór het gebouw, waardoor een soort 'stedelijke ruimte' wordt gecreërd, omdat ook het gebouw een stedelijk karakter had.

Loggia del Capitaniato (Vicenza)
Ligt tegenover de Basilica, was de zetel van de plaatselijke vertegenwoordiger van Venetië in Vicenza.
Voor de kolossaalorde werd gebruik gemaakt van Korintische kapitelen.
Typisch maniëristisch is het doorbreken van de architraaf.

Il Redentore (Venetië)
Deze kerk behoort tot de meesterwerken van Palladio. Het sobere, eenbeukige interieur straalt een majesteuze plechtigheid uit. Dat komt vooral door de statige colonnade die langs de wanden van het schip en het koor loopt.
In september 1576 besloot de Senaat een nieuwe kerk te bouwen, naar aanleiding van een vreselijke pestepidemie. In mei 1577 werd de eerste steen gelegd. De 20ste juli van hetzelfde jaar werd het einde van de pest reeds gevierd, dit met een processie die tot op vandaag jaarlijks wordt herhaald. De kerk werd opgetrokken op het eiland van Giudecca, maar op een plaats die vanop de Piazza S. Marco altijd zichtbaar is.

De villa's van Palladio
Deze villa's zijn niet enkel opgevat als residentie, maar tevens als zetel van de landbouwexploitatie. De eigenaars waren rijke burgers in de Veneto, die ook nood hadden aan functionele ruimten (stallen, woonsten personeel, ontvangstruimten, ...).

Een uitzondering hierop vormt 'La Rotonda' bij Vicenza die uitsluitend residentie was, en werd gemaakt voor de prelaat-theoloog Paolo Almercio. Deze centraalbouw is een principe dat dikwijls zal herhaald worden in de villa-architectuur van Palladio. De villa heeft een dominant karakter (bovenop een heuvel).
Deze villa lijkt zo uit het landschap te groeien: de gelijkmatig aan alle zijden met een zuilenbalk versierde gevels, vervolgen in de trappen de stijgende lijnen van het omringende landschap en de centrale koepel kan gezien worden als een verhoging van de heuveltop.Buitenaanzicht, grondvlak en doorsnede van de villa Rotonda lijken het ideaal van de centraalbouw te belichamen. Geen andere villa van Palladio heeft zoveel bewondering van tijdgenoten en latere generaties geoogst als de villa Rotonda. Zijn voorkeur voor centraalbouw en symmetrie komt hier goed tot uiting.